Lees meer
over dit object uit onze verzameling
Reimerswaal

Terug naar Rederijkers in Zeeland


De Gentylen (De Edelen) / De Drie Korenbloemkens


Zinspreuk: In minnen versaemt
Patroonheilige: H. Maria, naamdag 15 augustus (Maria Tenhemelopneming)
Vroegste bronvermelding: 1469
Bron: Geluk en Caland 1877, p. 24 voetnoot 1.
Laatst bekende bronvermelding: 1593
Neuteboom-Dieleman, M.P. (red.), Reymerswale. Burgemeesters en schepenen 1513-1631, z.j.
Blazoen: ?

Gezicht op de overblijfselen van de stad Reimerswaal (1650-1700)
Bron: ZA, KZGW, 295 Zelandia Illustrata II.

Geschiedenis:
Door de grotendeels verloren gegane archivalia van Reimerswaal is het onzeker of we bij bovenvermelde namen met een of twee kamers te maken hebben, die (deels) gelijktijdig of na elkaar bestaan hebben. Het statuut van 9 januari 1483 [= 1484] heeft het echter uitsluitend over ‘den gemeenen gesellen van der rethorijcke binnen Reymerszwale, van der Gentylen genaempt’ (Fruin 1905, 15). In het navolgende wordt ervan uitgegaan dat het één kamer betreft met twee namen. A. Geluk stelde in zijn beschrijving van de stad Reimerswaal dat het bij de naam de drye corenbloemkens om het blazoen ging. Over De Gentylen heeft hij het niet. In de bewerking door Caland van het boekje van Geluk vermeldt Caland dat hij in de stadsrekeningen van Bergen op Zoom had gevonden dat de rederijkers van Reimerswaal daar in 1469 kwamen ‘abatementen’ samen met die van Antwerpen en in 1483 kwam Reimerswaal alleen daarvoor naar Bergen op Zoom.
NB Hermans heeft in 1867 onderzoek gedaan naar de rederijkers in Noord-Brabant. Bij zijn overzicht van Bergen op Zoom, waarin de vondsten per onderzoeksjaar worden vermeld, ontbreken zowel het jaar 1469 als 1483. Caland besteedt in zijn artikel over de rederijkerskamer van Bergen op Zoom wel aandacht aan 1469 zonder echter Reimerswaal erbij te betrekken. Dat doet hij wel bij het jaar 1483.

In 1471 traden ‘de gezellen van Reymerswale’ op in Veere: den gezellen van Reymerswale, die hier ter Vere quamen batementen spelen, gesconken twee poortcannen wijns van XX gr. De stadsrekeningen van Bergen op Zoom maakten in 1476/77 melding van ‘den batementers (…) van Reynderswale’, die samen met die van Antwerpen en Bergen (op Zoom) optraden. In 1483 doken ‘die van de rethorike’ van Reimerswaal voor het eerst op in de rekeningen van Reimerswaal. In 1484 ontving de kamer een reglement dat grotendeels overeenkomt met dat van Middelburg. De kamer trad geregeld buiten Reimerswaal op, zo was ze in 1494 in Middelburg en in 1496 op het landjuweel te Antwerpen. Ze hielden daar hun intrede te water op de tweede dag, maandag 20 juni. Ze vertrokken  uiteindelijk met de tweede prijs. Ze speelden er ‘voor de meeste mysterie ofte gratie’ en voerden Charitate voor ’t lesten ten tonele. De prijs die ze behaalden bestond uit vier schalen, een zilveren St. Lucas, een zilveren arend en ‘eenen roosen hoet’.

De kamer van Reimerswaal organiseerde in 1507 zelf een wedstrijd, waar de Middelburgse kamer verschillende prijzen won. Volgens Caland was de Bergse kamer (Bergen op Zoom) ook op dit feest aanwezig. In 1525 waren de Middelburgse rederijkers van Het Bloemken Jesse in Reimerswaal. Reimerswaal wordt in 1540 genoemd in een lijst van steden waar het verbod op rederijkersspelen afgekondigd diende te worden. In 1555 werd op een wedstrijd te Reimerswaal de Kapelse kamer gedoopt. En, tenslotte, lijkt het dat de kamer voorkomt in het stuk dat De Violieren van ‘s-Gravenpolder waarschijnlijk opvoerden te Kapelle rond 1565 op een koningsfeest aldaar. Dat zou erop kunnen wijzen dat De drie Korenbloemkens daar nog aanwezig is geweest.

Jacob van Deventer: Reimerswaal 1545.

In 1573 komt de kamer voor in de Reimerswaalse stadsrekeningen ‘de gesellen van rhetorycke over haer wedden nihil’. Dit kan al een notitie ‘pro memorie’ geweest zijn, dat wil zeggen dat ze er wel recht op hadden, maar dat er niet werd uitbetaald. Tenslotte werden nog in 1593 de gezworenen van rethorica benoemd.

In een handschriftelijk rekenboek van Bartholomeus Danckersz uit 1617 is een proloog in versvorm opgenomen, volgens traditionele rederijkersregels, waarvan het tweede gedicht begint met het aanspreken van ‘beminde geesten in minnen versaemt’. Is dit een verwijzing naar de Reimerswaalse rederijkerskamer? Helaas is Bartholomeus Danckersz nog niet getraceerd in Reimerswaalse archieven voor zover die overgeleverd zijn. Onder de Goese burgers die uit Reimerswaal afkomstig waren komt hij niet voor. Verwijzingen naar Goes ontbreken in het handschrift geheel.

Bron: DBNL


Kroniek van Reimerswaal


1469

Batementen (opvoeren van kluchten) in Bergen op Zoom.
Deelnemers: Reimerswaal, Antwerpen.
______________________________
Bron 01: Geluk en Caland 1877, p. 24 voetnoot 1.
NB De stadsrekening van dit jaar is niet overgeleverd en dit gegeven is dus niet controleerbaar. De stadsrekening Bergen op Zoom 1470/71 heeft in de kantlijn de notitie 1469, terwijl er in de tekst 1470 staat. In deze rekening is niets te vinden over Reimerswaal.

1471

Batementen in Veere
Deelnemers: Reimerswaal
______________________________
Bron: Meertens, P.J., Letterkundig leven in Zeeland in de zestiende en de eerste helft der zeventiende eeuw. Amsterdam 1943, 98, 112, noot 275: Stadsrekeningen van Vere, 1471: den gezellen van Reymerswale, die hier ter Vere quamen batementen spelen, gesconken twee poortcannen wijns van XX gr.

1476

Wedstrijd in Dendermonde
Deelnemers: Reimerswaal
______________________________
Bron: Alph. de Vlaminck, ‘Les anciennes chambres de rhétorique de Termonde’, Gedenkschriften van de Oudheidkundige kring der stad en des voormaligen lands van Dendermonde, 8 (1900), 80.

1476/77

Batementen in Bergen op Zoom (Ommegangsdag, ‘s middags op de markt voor het stadhuis)
Deelnemers: Reimerswaal – Antwerpen
______________________________
Bron: Meertens, P.J., Letterkundig leven in Zeeland in de zestiende en de eerste helft der zeventiende eeuw. Amsterdam 1943, 112.
NB De volgende twee auteurs situeren deze batementen in de stadsrekeningen van 1474/1475; daarin zijn deze gegevens niet aangetroffen.
Caland, F., ‘De rederijkerskamer van Bergen op Zoom. Historische schets uit haren bloeitijd van 1441 tot 1561’, Dietsche Warande. Nieuwe reeks. Deel 5, 70-113. Amsterdam 1886, 77. Hetzelfde geldt voor: Hermans, C.R., Geschiedenis der Rederijkers in Noordbrabant, 2e stuk, ‘s-Hertogenbosch 1867, 254.
Het misverstand is vermoedelijk ontstaan door de notitie ‘1474/75’ in de marge van deze rekening.

1484 9 januari

Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Reymerzwale geven een ambachtsbrief aan de rederijkers. Dit statuut wordt te zijner tijd gepubliceerd op aparte pagina’s over statuten.
______________________________
Bron 01: Zeeuws Archief, 514 Stad Reimerswaal (1315-1570), inv. nr. 82. Dit nummer is verloren gegaan.
Bron 02: Meertens, P.J., Letterkundig leven in Zeeland in de zestiende en de eerste helft der zeventiende eeuw. Amsterdam 1943, 111: De ‘willecoere ende ordinancie’ die baljuw, burgemeesters en schepenen haar [de rederijkerskamer “De drie korenbloemkens’ van Reimerswaal] in 1483 verleenden spreekt van ‘den gemeenen gesellen van der rethorijcke binnen Reymerzwale, van der Gentylen genaempt’.
Bron 03: Fruin, R., Het recht der stad Reimerswaal (Oude Vaderlandsche Rechtsbronnen), ‘s-Gravenhage 1905, 15-20.

1484/85

Deelneming aan de algemene grote ommegangsdag van het Heilig Sacrament in Bergen op Zoom.
Deelnemers: Reimerswaal.
______________________________
Bron: Stadsrekening Bergen op Zoom, inv.nr. 758, 1484/85, f. 80v. Het gaat echter niet om rederijkers of batementen, maar om ‘vier pijpers van Reymerswale’.
NB Geluk en Caland 1877, p. 24 voetnoot 1, en Caland, F., ‘De rederijkerskamer van Bergen op Zoom. Historische schets uit haren bloeitijd van 1441 tot 1561’, Dietsche Warande. Nieuwe reeks. Deel 5, 70-113. Amsterdam 1886, 86 situeren dit gegeven in 1483. Mogelijk is een misverstand ontstaan doordat aanvankelijk de jaren 1482-1485 bij elkaar gebonden waren.

1494

Batementen in Middelburg (op de ommegangsdag)
Deelnemers: Veere – Reimerswaal
______________________________
Bron: Kesteloo, H.M., ‘De stadsrekeningen van Middelburg II, 1450-1499, Archief (1881), 106.

1496

Landjuweel in Antwerpen (kaart 12 maart, intrede te land op zondag 19 juni, te water op maandag 20 juni, initiatief De Violieren, 28 deelnemende kamers)
Deelnemers: Brussel (Violette, Lelie, Den Boeck) – Gent (Sint-Barbara, Fonteine, Sint-Agnete) – Leuven (Lelie, Kersouwe, Pensee, Roose) – Aalst – Mechelen (Peoene) – Oudenaarde – Herentals – Lier (Ongeleerden, Groeiende boom) – Zevekote – Kortrijk – Ieper – Oostende – Bergen op zoom – HulstAxel – Dendermonde – ReimerswaalSluis – Amsterdam – Nijvel
Uitgenodigd: Diksmuide – Veurne – Oudenburg
______________________________
Bron 01: Van Bruane 2003/04, Band 3: Bijlagen.
Bron 02: E. Van Autenboer, ‘Een landjuweel te Antwerpen in 1496?’, Jaarboek de Fonteine, 29 (1978-1979)1, 125-150.

1507

Wedstrijd in Reimerswaal met onder andere Middelburg en Bergen op Zoom van de zes  deelnemers. Middelburg won er 7 tinnen stopen en 10 tinnen kannen met het wapen van Reimerswaal en het devies van de kamer erop inclusief de datum van de wedstrijd.
______________________________
Bron 01: Boxhorn, M.Z., Chroniick van Zeelandt. Middelburg 1644, I, 177.
Bron 02: Caland, F., ‘De rederijkerskamer van Bergen op Zoom. Historische schets uit haren bloeitijd van 1441 tot 1561’. In: Dietsche Warande, Nieuwe reeks, Deel 5, 70-113. Amsterdam 1886, 100.
Bron 03: Lambrechtsen van Ritthem, N.C., ‘Beknopte Geschiedenis van de Middelburgsche Rethorijkkamer Het Bloemken Jesse’. In: Verhandelingen van de Maatschapij der Nederlandsche Letterkunde te Leyden, derde deel, eerste stuk, Leiden 1819, 127.

1522

Mr. Anthonis Adriaanszoon Voxen, deken der rethorijkers in 1522;
In 1518 is hij deken van de visbrugge, in 1519 is hij gezworen van de visbrugge;
In 1549 en van 1551-1553 is hij deken der coomans (kooplieden).
______________________________
Bron: De Nederlandsche Leeuw, 1889 (jrg. 7), 5-6.

1525

Wedstrijd (?) in Reimerswaal
Deelnemers: Middelburg
______________________________
Bron: Meertens 1943, 77.

1548

In de lijst van burgemeesters en schepenen 1513-1631 lezen we bij 1548 over de samenstelling van de ‘Rethorycke’:
Adriaen Lambrechts (deken), Joes Pieters, Anthonis Broecks en Hubrecht Baltens.
______________________________
Bron: M.P. Neuteboom-Dieleman, Reymerswale: burgemeesters en schepenen, 1513-1631 (uitgave Prae1600club), z.j..

Na 1576

Opvoering in Kapelle De Bruiloftsganger zonder feestkleed. (Kapelle, De Wijngaartranck; devies: In Godts name)
Deelnemers (herleid uit de inhoud van het stuk): ‘s-Gravenpolder (Fiolieren, de opvoerenden van dit stuk; devies: met deucht verwinnende) – Zwartewaal (Nardusbloem; devies: tot vreucht geresen) [of Goes (Nardusbloem; devies: met ganscher herte)] – Reimerswaal (Jentijlbloem; devies: In minnen versaemt) – Leiden (?) (De Witte Acoleyen; devies: lieft is tfondament) – Antwerpen (?) (Goudtbloem; devies: groeyende indeuchden)
______________________________
Bron: G.R.W. Dibbets, ‘Een bruiloftsganger, een krans en politieke aktualiteit’. In: Wat duikers vent is dit! Opstellen voor W.M.H.Hummelen onder redactie van G.R.W. Dibbets en P.M. Wackers. Wijhe 1989, p. 165-183.

1593

De nieuwe gezworenen (bestuursleden) van rhetorica worden benoemd.
______________________________
Bron: Neuteboom-Dieleman, M.P. (red.), Reymerswale. Burgemeesters en schepenen 1513-1631 (uitgave Prae1600club), z.j.


Bronnen


Publicaties:

P.J. Meertens, ‘Het esbatement van de Appelboom. Een volksvertelsel omgewerkt tot esbatement’;  in: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, jaargang 42 (1923), 165-193.

De keuze dat de rederijkerskamer van Reimerswaal de auteur is van dit esbatement trekt Meertens in zijn Letterkundig Leven uit 1943 weer in (noot 283): “Dat ik indertijd als uit Reimerswaal afkomstig beschouwde, zie ik thans, na de opmerking van F.H. Kossmann eerder voor een werk van de Haagse kamer De Korenbloem aan, al blijft het dan vreemd, dat het typisch Zeeuwse woord wuijtken [lammetje, zie de aantekening op blz. 52 van Het Esbatement], dat driemaal in dit esbatement genoemd wordt, kan voorkomen in een spel, dat niet van een Zeeuwse kamer afkomstig zou zijn.”

De opmerking van Fr. Kossmann staat in ‘Rhetoricale kleinigheden. 1. De Haagsche ‘Corenbloem’ ‘, Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, jaargang 47 (1927) 32-33. De rederijkerskamer De Corenbloem te ‘s-Gravenhage had als zinspreuk ‘Met geneuchten’. Kossmann ontdekte in de verzen 490-495 van het esbatement de zinspreuk van de Haagse kamer: “Het Esbatement van den Appelboom bevat aan het slot behalve de m.i. als één zin op te vatten woorden ‘vuijt ons corenbloemkens so spruijt de jonst ….’ in vs. 490-491 nog een nadere aanwijzing omtrent die rederijkerskamer in de woorden ‘Al dat wij prijsen is met geneuchten sonder discordatie’ (vs. 494-495): Met geneuchten is namelijk de zinspreuk van de Corenbloem te ‘s-Gravenhage. Wij corenbloemkens, violierkens, eglentierkens, accoleykens enz. voor wij leden der corenbloem, violier enz. is een algemeen gebruikelijke vorm, en het deminutief heeft dus niets merkwaardigs; voor een toekenning van het stukje aan de kamer te Reimerswaal kan dit niet pleiten.”
Voor zover bekend is over de herkomst van het spel nog steeds geen definitieve beslissing gevallen.

Bibliografie / Literatuur:

  • Autenboer, E. van, ‘Een landjuweel te Antwerpen in 1496?’,  Jaarboek de Fonteine, 29 (1978-1979)1, 125-150.
  • Bruaene, A.L. van, Om beters wille. Rederijkerskamers en de stedelijke cultuur in de Zuidelijke Nederlanden (1400-1650), 3 delen, Gent 2003-2004 (dissertatie). Band 3: bijlagen.
  • Fruin, R., Het recht der stad Reimerswaal, ‘s-Gravenhage 1905, 15-20 met COPIE VAN DEN BRIEVE VAN DE RETHORIJCKEN (statuut).
  • Geluk, A.J.Az., na zijn overlijden bewerkt door F. Caland, Beschrijving der stad Reimerswaal in haren bloei en ondergang.Middelburg 1877, 23-24.
  • Hermans, C.R., Geschiedenis der Rederijkers in Noordbrabant, 2e stuk, ‘s-Hertogenbosch 1867.
  • Meertens, P.J., Letterkundig leven in Zeeland in de zestiende en de eerste helft der zeventiende eeuw. Amsterdam 1943, 111-112. Over Veere 1471: 98, 112, noot 275.
  • Oosterman, J.B. en Ramakers, B.A.M., Kamers, kunst en competitie, Amsterdam 2001, 81-88 (over het landjuweel van 1496).
  • Reygersberg, Johan, Dye Cronijcke van Zeelandt. Gheprent Thantwerpen Antwerpen : by die Weduwe van Henrick Peetersen, 1551, ongefolieerd (katern K).
  • Vandecasteele, M., ‘Het Antwerpse rederijkersfeest van 1496: een onderzoek der bronnen’, in: Jaarboek De Fonteine, 1985/86, 5-7.

Archivalia:

Westbrabants Archief: de rekeningen lopen van 1 maart tot 1 maart het jaar erna.

  • Stadsrekening Bergen op Zoom, 1468/69. Deze is verloren gegaan.
  • Stadsrekening Bergen op Zoom, inv. nr. 754, 1476/77, f. 13r.
  • Stadsrekening Bergen op Zoom, inv.nr. 758, 1484/85, f. 80v.

Zeeuws Archief: Stadsrekening van Veere, 1471. Deze is verloren gegaan.

Varia:

 Repertorium rederijkerskamers DBNL:
Reimerswaal De Drie Korenbloemkens / De Gentylen: BEKIJK BRONNEN

Laatst bewerkt 10 augustus 2025.
Terug naar Rederijkers in Zeeland

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *